Voorjaarskriebels

Ieder jaar vanaf februari gaat het bij de weidevogelvrijwilligers kriebelen. De weidevogels komen terug uit hun overwinteringsgebieden en maken zich op voor een nieuw seizoen. De fraaie baltsvluchten van de grutto's en kieviten zijn weer te zien en hun kernmerkende roep hoor je weer in de weilanden. De spanning loopt op, wanneer gaat het eerste nest gevonden worden? Wie strijkt de eer op van het vinden van eerste kievitsnest van Nederland? In 2007 en 2008 was één van de Utrechtse vrijwilligers de gelukkige.

De weidevogelbeschermers

Weidevogels zijn prachtige dieren. Dat je als vrijwilliger kunt helpen deze vogels te beschermen maakt het nog bijzonderder. Je bent buiten en komt op plaatsen waar je normaal niet mag komen, bij een boer op zijn land. Het speuren naar de nesten en het herkennen van het gedrag van de vogels is een echte ‘sport'. Wie is er slimmer; de vogel met zijn afleidingsgedrag, of de vrijwilliger die het beste met hem voor heeft...

Als het nest is gevonden, worden er op enkele meters van het nest stokken geplaatst. Bij werkzaamheden kan de boer dan rekening houden met de broedende vogels. Wanneer er vee in de wei loopt, worden er nestbeschermers of schrikdraad geplaatst zodat de vogels rustig kunnen broeden. Kijk hier voor meer informatie over de weidevogelbescherming.

Jaarverslag 2009
Kijk hier om het Jaarverslag Vrijwillige Weidevogelbescherming 2009 te bekijken.

Waarom moeten weidevogels worden beschermd?

Weidevogels maken onderdeel uit van het Nederlandse landschap. Ze horen daar net zo in thuis als koeien. In Utrecht gaat het vooral om de kievit, grutto, scholekster en tureluur, maar ook om zangvogels als de graspieper, de veldleeuwerik en sinds kort de gele kwikstaart. Ons land is heel belangrijk voor de weidevogels, met name voor de grutto's in Noordwest Europa. Daarvan broedt ongeveer 80% in Nederland.

In de eerste helft van de vorige eeuw ging het goed met de weidevogels in ons land. Door het gebruik van meer (kunst)mest was er meer voedsel beschikbaar, vooral regenwormen, en nam het aantal weidevogels toe. Maar vanaf de jaren '60 raakten ze in de problemen. Eerst kwam dat vooral door de peilverlagingen en daarmee samenhangend een intensiever graslandgebruik. De laatste jaren ondervinden weidevogels vooral problemen door vroeg en massaal maaien en het injecteren van mest. Ook de veedichtheid is toegenomen en het grondgebruik op bouwland is intensiever geworden. Hierdoor lopen de legsels meer risico om verloren te gaan dan vroeger.

logo Landschap Erfgoed Utrecht